Heb jij ook van die dagen dat je graag wilt schrijven maar er komt niks uit je handen? Dat je vol goede moed achter je laptop (of schrijfboek) kruipt, maar in je hoofd is het chaos en er komt geen enkele zinnige scène in je op? Dat je niet weet waar je moet beginnen? Een zogenoemde writer’s block is een bekend gegeven onder schrijvers. Hieronder een paar tips die voor mij goed werken. Hopelijk voor jou ook!
1. Om te kunnen schrijven moet je fit zijn
Een duf hoofd, niet kunnen concentreren, pijntjes in je lijf… ik heb er (zeker de afgelopen jaren) vaak last van gehad. Het maakt het schrijven niet makkelijk. Zit je niet lekker in je vel dan is de zin om aan de slag te gaan een stuk minder. En als je er dan toch klaar voor zit, lukt het maar moeilijk om productief te zijn.
Schrijven klinkt zo relaxed. Lekker rustig in je eentje, kopje koffie of thee erbij, mooi uitzicht vanuit het raam en fantaseren maar. Maar eigenlijk is schrijven hard werken. Je hoofd is continu bezig met nieuwe scènes bedenken, verbanden leggen, inleven in de menselijke natuur, details beschrijven en de spanning aanwezig houden.
Om te kunnen doen wat je wilt doen én je wilt daar goed in zijn, moet je mentaal en fysiek fit genoeg zijn. Wat fit zijn precies inhoudt is voor iedereen anders. Wil je meer sporten, slapen, gezond eten? Het kan ook betekenen dat je juist mild mag zijn tegen jezelf. Af en toe een periode niet schrijven, even niet teveel willen omdat andere dingen ook belangrijk zijn: ook dat hoort erbij.
2. Voorkom afleiding
Ben je fit genoeg en heb je besloten dat je vandaag aan de slag gaat, dan komt de volgende uitdaging: de drempel over om daadwerkelijk te beginnen. Want er zijn nog genoeg andere dingen te doen in huis en door Instagram heen scrollen kun je oneindig blijven doen.
Wat voor mij goed werkt is om de avond ervoor mijn spullen al klaar en in het zicht te zetten. Dan wordt ik visueel afgeleid door mijn laptop die roept dat ik hem moet openen 🙂 Vervolgens begin ik met een taak die behapbaar voelt: iets kleins, of iets waar ik zin in heb. Ben ik daardoor eenmaal op gang gekomen, dan ben ik meestal niet zo makkelijk meer te stoppen.
Maar ben je tussendoor alsnog snel afgeleid, maak dan een schema met kleine beloningen: een uur werken en als beloning een kop koffie. Daarna nog een uurtje werken en als beloning even lekker naar buiten. Zorg ook dat je bureau leeg is en je telefoon uit het zicht (en stil) zodat je ook tijdens het werk minder makkelijk afgeleid wordt.
3. Breng structuur aan in je ideeën en verhalen
Soms weet je niet waar je moet beginnen omdat je hoofd simpelweg té vol zit en alles door elkaar dwarrelt. Begin dan je dag met het aanbrengen van structuur. Schrijf alle ideetjes, hoe klein ook, op. En doe dat op de juiste plek. Dit is voor mij de reden waarom ik liever op de computer werk in plaats van in een schrijfboekje: door het gebruik van mappen en submappen, documenten waarin ik al mijn losse ideeën voor nieuwe verhalen onder thema’s opschrijf, opmerkingen in de kantlijn van verhalen die in concept zijn, en arcering van losse zinnetjes die ik nog verder wil uitwerken, houd ik overzicht van wat waar staat en hoe ver ik ben in een specifiek verhaal. Ik kan dan een volgende schrijfsessie makkelijk mijn verhaal weer vinden, daarin een geel gearceerd stuk opzoeken en verder gaan.
3. Stel deadlines
Een gevoel van urgentie is voor mij een heel goede manier om aan de slag te gaan. Het voelt vaak suf dat ik op andere momenten mij slecht kan motiveren (want ik wil toch graag schrijven?) terwijl ik met een deadline in zicht ineens bruis van inspiratie en wilskracht om mijn verhaal op papier te zetten. Maar als het werkt, dan werkt het. En dus heb ik een overzicht van alle schrijfwedstrijden waar ik aan mee wil doen de komende maanden. Het voordeel van schrijfwedstrijden is dat er vaak ook een thema meegegeven wordt, wat voor meer inspiratie kan zorgen.
Het gebeurt regelmatig dat ik alsnog te laat begin en mijn verhaal niet op tijd af krijg. Dan heb ik een verhaal wat voor driekwart af is in mijn digitale laatje liggen. Bij de volgende wedstrijd waar dit verhaal in het thema past, kan ik er weer mee verder 🙂
Vind je schrijfwedstrijden helemaal niks, dan kun je jezelf ook deadlines stellen door aan mensen te vertellen waar je mee bezig bent. De volgende keer dat je deze mensen weer spreekt zullen ze vragen hoe het met je boek gaat, en dan kan jij natuurlijk moeilijk antwoorden dat je eigenlijk niks gedaan hebt.
5. Ga naar buiten
Ben je uitgeschreven en weet je niet hoe je je ideeën het beste aan elkaar kunt linken of in een goede vorm gieten? Ga naar buiten om even een frisse wind door je gedachten te halen, weg te mijmeren tussen het groen of nieuwe sferen te snuiven in de stad; alles om maar even niet actief na te hoeven denken over je verhaal. Maak je hoofd leeg en vertrouw het piekeren toe aan je onderbewuste. Je zult zien dat daar de mooiste ingevingen uit voort komen.
4. Reken af met perfectionisme
Als schrijver moet je op details letten want je verhaal moet kloppen. Maar perfectionisme kan verlammend werken. Je wilt bijvoorbeeld de plot tot in de puntjes uitgewerkt hebben voordat je begint aan de echte tekst waardoor je daar nooit aan toekomt, of je vind geen enkel idee goed genoeg want je boek moet écht origineel zijn.
Wanneer je een scène gaat schrijven, dwing je jezelf om op een ander niveau over je verhaal na te denken dan wanneer je de plot en eigenschappen van personages uitwerkt. Want welk taalgebruik heeft de hoofdpersoon? Welke kleuren en geuren heeft de omgeving? Schrijf ik korte of lange zinnen, en welk effect heeft dat op het verhaal? Door daadwerkelijk scènes te gaan schrijven, zet je je brein op een andere manier aan. En dat zorgt weer voor andere vormen van inspiratie.
Ben je bezig met het echte schrijven, maar blijf je toch nog hangen in perfectionisme? Heb dan vertrouwen in jezelf en het proces: het hoeft niet in één keer af, je mag de tekst heus nog 10 keer herschrijven. Sterker nog, ook als je probeert het in één keer goed te doen en je leest je tekst een week later nog een keer, dan is er op dat moment vast alsnog een boel te verbeteren. Herlezen en herschrijven ontkom je niet aan, ook als je een perfectionist bent.
6. Probeer een andere vorm van creativiteit
Inspiratie en creativiteit draaien om het opdoen van nieuwe inzichten en problemen oplossen, liefst met een goede dosis vertrouwen en enthousiasme. Probeer eens een creatief proces dat heel anders is dan schrijven; tekenen of beeldhouwen, maar ook puzzelen, koken of je woonkamer opfleuren kan daar onder vallen. Het hoeft zeker niet iets te zijn waar je goed in bent. Gewoon wat uitproberen levert vaak de creatiefste ideeën. En terwijl je lekker bezig bent, of vol bewondering naar je nieuwe bizarre knutselgedrocht staart, denk dan na over de overeenkomsten (of de verschillen) tussen je gemaakte werk en het verhaal waar je mee bezig was en dat niet meer wilde vlotten. Wedden dat je zo weer verder kan met schrijven. Tenzij je dat andere zó leuk vind dat je nu een nieuwe hobby hebt gevonden 😉
7. Leer de theorie
Het kan zijn dat je niet vastzit omdat je ‘geen inspiratie’ hebt, maar omdat je niet zo goed weet hóe je je ideeën moet vormgeven. Die twee voelen misschien hetzelfde, maar zijn toch verschillend. Heb je een heleboel ideeën, weet je precies welke ingrediënten je wilt gebruiken voor de wereldopbouw, de personages en hun conflicten en heb je de prachtigste zinnen getypt maar weet je alsnog niet hóe je je verhaal moet vormgeven, dan wordt het tijd om je te verdiepen in de theoretische kant van het schrijven. Er zijn allerlei technieken, modellen en regels over plot, spanning, dialogen, etc. die je zouden kunnen helpen je verhaal op papier te zetten. Dus neem een abonnement op een magazine over schrijven of doe mee aan een schrijfcursus om je kennis te vergroten.
En heb je die kennis al, maar blijf je alsnog hangen tussen keuzes? Zoek dan een groepje met gelijkgestemde schrijvers waar je mee kunt sparren over je werk en bij wie je kunt peilen hoe jouw tekst aankomt bij de lezer.
Heb jij nog andere tips voor meer inspiratie? Deel ze dan gerust!

Geef een reactie